“L’ après-midi d’un faune”

De faun zit achter twee nimfen en  is alleen te zien vanaf de overkant van de vijver

Plaats: in de vijver, waar rondom in de bomen reigers wonen
Datum: 1960
Beeldhouwster: Ellen Roos (1926)
Materiaal: gegoten brons op granieten voetstuk
Afmetingen: hoogte 1.50 m breedte 1.30 m diepte 1.30 m

Zo was het in 1960

Twee nimfen op een klein eiland zoeken verkoeling onder het lage loofdak van een boom. De ene nimf leunt tegen de stam, de andere knielt. Een fluit spelende faun zit achter de nimfen, hij is alleen te zien vanaf de oever aan de overkant van de vijver. Vijftien fijne waterstralen sproeien koel op uit het bronzen loofdak en vallen zacht ritselend in de vijver. Dat was zo in 1960. Al snel slibde de fontein dicht. De watersculptuur dient al jaren als uitkijkpost voor reigers, of als rustplaats voor eenden. Niemand vermoedt dat hier ooit een fontein zijn vijftien fijne waterstralen liet opspringen.

Ellen Roos

Ellen Roos werd in 1926 op Java geboren en kwam als kind van zes jaar naar Nederland. Meteen na de oorlog in 1945, na vier jaar gymnasium, ging ze naar de Rietveld Academie, die toen nog het Instituut voor Kunstnijverheid Onderwijs (IVKNO) heette.
“Eén ding wist ik zeker”, vertelt Ellen Roos, “ik wilde niet gaan studeren. Ik had een vage wens om kinderboeken te illustreren. In het eerste jaar, het voorbereidingsjaar, konden we elke week een andere afdeling inlopen. Beeldhouwster mevrouw Hunt gaf een maal per week les in beeldhouwen en zij heeft mij op een gegeven moment gezegd: “jij moet gaan hakken”.
Ellen Roos kreeg haar eerste opdracht van de gemeente Amsterdam, een vrije opdracht voor een beeld in het Beatrixpark. “Het idee van de vrouwen, die met de faun onder een boom zitten, kreeg ik toen ik naar muziek luisterde, een stuk van Claude Debussy, ‘Prelude à l’après-midi d’un faune’. Ik wilde een beeld maken in het water, een fontein. Als het je eerste beeld is heb je nog geen eigen stijl. Ik heb het eerst in het klein in steen gehakt. Door de steen word je gedwongen tot een bepaalde vorm. Daarna heb ik het beeld van klei gemaakt, en in brons laten gieten. Een beroemd model van de academie, een volksvrouw met rood haar, Truus Trompert, heeft model gestaan voor de nimfen. De heer Mos van Publieke Werken heeft er een fontein van gemaakt. Hij boorde vijftien gaten in het beeld. Al Gauw gingen vogels op het beeld zitten. De fontein is daardoor vanboven dichtgeslibd.”

Bronnen en literatuur

Archief Stedelijk Museum, stamboek no. VBA 606.
Gesprek met Ellen Roos, juni 2003.
Gemeente Archief Amsterdam: Mirjam Beerman, Frans Burkom en Frans Grijzenhout, Beeldengids Nederland. 1964.
Rijks Kunst Archief te Den Haag.
Ernest Kurpershoek & Merel Ligtelijn, De parken van Amsterdam. Uitgeverij Bas Lubberhuizen. 2001.