Waterspeeltoestel

Het water valt van tree naar tree over metalen drempels
Plaats: dakplein op de NEMO, bovenaan het schuim aflopende dakterras.
Datum: zomer 2001
Ontwerp en uitvoering: Van Egdom, waterzuivering en recreatietechniek BV.
Materiaal: roodgeverfde stalen buizen en polyester afdak
Afmetingen: hoogt 4,40 m x breedte 2,20 m x lengte 4 m met wat uitstekende uitstroom-pijpen. Diameter van grootste uitstroming 168 mm.
 
Binnen, in het Nationaal Centrum voor Wetenschap en Technologie, kan groot en klein kennis maken en experimenteren met allerlei moderne technieken en uitvindingen en natuurkundige fenomenen. 
Buiten, op het hellend dakplein, heeft de bezoeker een wijds en schitterend uitzicht op de skyline van Amsterdam. Brede luie treden leiden langzaam omhoog naar de bar bovenaan. In de zomermaanden verandert het dakplein in ‘NEMO Beach’. Strandstoelen staan verspreid op de treden. Een glinsterende waterstroom deelt het ruime dakterras in tweeën. De stroom ontspringt in het bovenste grote bassin, waarin een knalrood waterspeeltoestel staat met 21 spuitopeningen en 3 sproeikoppen. Kinderen kunnen met wieltjes en knoppen experimenteren, zodat regenbuien sproeien uit de buizen of dikke stralen water op hun hoofden storten. Het ondiepe bassin stroomt over, het water valt van tree naar tree, over metalen drempels van bassin naar bassin, tot in de grote vijver onderaan. Daar nodigt een brede zandbak uit tot strandvermaak, NEMO Beach.

Museum van de Arbeid - NINT - NEMO - Plage/Beach

Het begon met de verzameling van schilder/verzamelaar Herman Heijenbrock (1871-1948). In 1922 liet de kunstenaar zijn schilderijen en verzameling gereedschappen en producten uit de industrie aan het grote publiek zien in het Stedelijk Museum. De verzameling werd daarna tijdelijk opgeborgen in het Veiligheidsmuseum. De Stichting Museum van den Arbeid (1923) wilde waardering oproepen voor ondergewaardeerde industriële ontwikkelingen zodat meer begrip ontstond voor de arbeidersklasse. 

Museum van de Arbeid

De Stichting zorgde ervoor dat de verzameling een eigen Museum kreeg in een oud schoolgebouw aan de Rozengracht, het Museum van den Arbeid, dat in 1929 werd geopend. 

Het Nint

In 1954 kreeg het museum een nieuwe naam, Nederlands Instituut voor Nijverheid en Techniek, het NINT. Het instituut organiseerde tentoonstellingen over nieuwe ontwikkelingen in de industriële sector. Volwassenen en kinderen konden kennis maken met elektronica, telecommunicatie, synthetische materialen, enzovoort. De collectie breidde zich uit met de ontwikkeling van wetenschap en technologie. In 1983 verhuisde het NINT naar een oude diamantfabriek in de Tolstraat. De tentoonstellingen richtten zich in die tijd op de natuurwetenschappen en technologische toepassingen, en het inzichtelijk maken van de rol van de mensen daarbij.

NEMO Beach 

In de jaren tachtig en negentig van de twintigste eeuw omwikkelde de gemeente Amsterdam in samenwerking met het NINT plannen voor een nieuw nationaal science center, ‘new Metropolis’. In 1995 opende Koningin Beatrix het nieuwe gebouw in de Oosterdok. In 2002 veranderde de naam in ‘NEMO, ontdekkingsreis tussen fantasie en werkelijkheid’. 
In de zomer van 2001 ging ‘Amsterdam Plage’ open op het dakplein. Zon, zitzakken op de treden, de waterval en de zandbak, het eetcafé bovenin, trokken duizenden bezoekers. Twee jaar later werd het dakterras opnieuw ingericht. De waterval kreeg metalen drempels en een fontein als speeltoestel. In de zomer van 2003 lagen de eerste gasten te zonnen in de strandstoelen, de zitzakken waren verdwenen. ‘Amsterdam Plage’ werd ‘NEMO Beach’.

Literatuur en bronnen

Archief Internationaal Centrum voor Wetenschap en Technologie NEMO
Archief Van Egdom, waterzuivering en recreatietechniek BV te De Meern.
Panorama NEMO. Tekst Jord den Hollander. Fotografie panorama, Ruud Binnekamp. NEMO 2004.