Driestromenfontein

Drie stromen helder water stortten uit twee vazen en de open bek van de dolfijn in het schelpvormig bassin en over de gestulpte rand in het het meertje voor de buitenplaats.

Plaats : Huize Frankendael, Middenweg 89
Datum: 1714
Beeldhouwer: Ignatius van Logteren (1685-1732)
Materiaal: zandsteen
Afmetingen: hoog 1,95 m breed 6,20 m diep 2,96 m

Drie stroomgoden

Ignatius van Logteren kocht in 1718 een erf aan de Prinsengracht waar hij een steenhouwerij vestigde en in 1721 een huis liet bouwen. Van Logteren maakte de watersculptuur voor een buitenplaats in Driemond. De hofstede lag op een landpunt, waar drie rivieren bij elkaar kwamen, ‘t Gein, de Gaasp en het smalle watertje de Smalweesp. Hij maakte een beeldengroep met drie stroomgoden. Amphitrite als de stroomgodin van ‘t Gein en Poseidon als de stroomgod van de Gaasp. De dichter en zanger Arion, die zittend op de rug van een dolfijn zijn lier bespeelt, stelt de kleine stroomgod van de Smalweesp voor. Drie stromen helder water stortten uit twee vazen en de open bek van de dolfijn in het schelpvormig bassin en over de gestulpte rand in het het meertje voor de buitenplaats.

Frankendael: hofstede, lustoord, theetuin en woonplaats

Nicolaas Liebergen liet het buitenverblijf omstreeks 1660 bouwen aan de Middenweg in Watergraafsmeer. Rond 1700 bouwden tientallen welgestelde Amsterdamse kooplieden lusthoven in Watergraafsmeer met zijn graslanden, bomen langs de wegen en molens langs de dijken. Ze zijn allemaal verdwenen, huize Frankendael is het enige overgebleven ‘lustoord’.
In 1663 kocht Izaak Balde de hofstede, hij gaf het huis de naam Frankendael. In de loop der jaren verbouwde en verfraaide hij het huis en kocht land aan. Hij maakte er een voorname buitenplaats van, omgeven door een ruim park en een grachtje.
In 1790, toen de buitenplaats bij Driemond werd opgeheven en de inboedel te koop werd aangeboden, kocht Jan Gildemeester de fontein. Jan Gildemeester, sinds 1757 eigenaar van de buitenplaats Frankendael, liet de watersculptuur aan de rand van het voorplein zetten midden voor het huis, bij de sloot op de plek waar de fontein nu nog staat.
Huize Frankendael wisselde nog talloze keren van eigenaar. In de loop van de 19e eeuw werd het lustoord bij de Amsterdammers bekend en geliefd als pleziertuin en theetuin. In 1867 werd de Koninklijke Nederlandse Tuinbouw Maatschappij ‘Linnaeus’ eigenaar. Er kwam een tuinbouwschool met kwekerijen van bomen en tuinbouwproducten. Sinds- dien prijkt in de voorgevel van het huis het borstbeeld van Linnaeus. In 1882 nam de gemeente Amsterdam Frankendael met de kwekerij over. Tot 1894 werd daar les gegeven aan de Tuinbouwschool van Amsterdam. In dat jaar brandde het schoolgebouw af. Frankendael werd bewoond door de directeur van de stadskwekerij.
Stadsarchitect Ben Mercelbach woonde en werkte van 1958 tot 1961 in Huize Frankendael. De laatste bewoners waren zijn stiefdochter Cecilia van Vliet-Lichtveld en haar zoon Flip.
De fontein deed het al jaren niet meer. Tot stadsdeel Oost/Watergraafsmeer het buiten een publieke bestemming wilde geven en opdracht gaf Huize Frankendael met fontein en park in oude luister te herstellen. Sinds 2004 is het park opengesteld voor het publiek. De fontein stroomt weer met drie gulle watervallen.

Bronnen en literatuur

Gemeente Archief Amsterdam: J.H. Kruizinga. Frankendael, een hofstede in de hoofdstad. Europese bibliotheek. Zaltbommel. 1992.
J. Knoet. Ignatius van Logteren 1685-1732. 1916.
Alex Hendriksen. Watergraafsmeer, binnenzee, polder, lustoord, stadsdeel. Linnaeusboekhandel 1998.
Archief stadsdeel Watergraafsmeer Oost.