Monument voor dr. Sarphati

Bronzen leeuwenkoppen en kikkers spuwen bogen water in het bassin. 

Plaats: Sarphatipark 
Datum: 15 juli 1886
Architect: J.R. de Kruyff (1844-1914)
Beeldhouwster H.J. Stracké-van Bosse
Materiaal: Zweeds graniet, brons, zandsteen
Afmetingen: hoogte 9.50 m  doorsnee bassin 6.50 m

Het monumentale gedenkteken is opgebouwd uit drie delen. Een zwaar zandstenen voetstuk in een bassin, een open tempel met zuilen en een hoog koepelvormig bovenstel. De vergulde koperen stedekroon van Amsterdam blinkt in top. De tempel biedt, hoog boven de grond, beschutting aan het bronzen borstbeeld van dr. Samuel Sarphati (1813-1866). Bronzen leeuwenkoppen en kikkers spuwen bogen water in het bassin. Boven het bruisen en spatten kijkt Sarphati, donker en roerloos in zijn tempel, in de richting van het Frederiksplein, waar ooit het Paleis voor Volksvlijt stond, de bekroning van zijn leven. 

fontein sarphati 02

Sarphati, sociaal bewogen medicus-farmaceut

Boven de zuilen, op vier bronzen platen, staan in vergulde letters de woorden: Sarphati - Stichter - Van ‘t Nieuw-Amsterdam. Vier schilden in de dakkoepel verbeelden Volksvlijt, Onderwijs, Handel en het Wapen van Amsterdam. Dit zijn de kernwoorden van het leven van dr. Sarphati en zijn betekenis voor de bevolking en de stad Amsterdam.
Samuel Sarphati, zoon van Portugees-joodse ouders, begon 13 jaar oud, als apothekersleerling in Amsterdam. In 1833 ging hij studeren in Leiden waar hij in 1839 promoveerde tot doctor in de medicijnen. Hij vestigde zich als huisarts in Amsterdam. Nog in datzelfde jaar werd hij benoemd tot ‘armenarts’ van de Portugese gemeente van de stad. Zo kwam hij in contact met de arme joodse bevolking. Hij zag ziekte en vervuiling, slechte huisvesting en armoede, kortom de erbarmelijke omstandigheden waarin een groot deel van de bevolking in Amsterdam leefde. Het gemeentebestuur liet initiatieven voor hulp en verbetering aan particulieren over.
Sarphati was er van overtuigd dat ontwikkeling van onderwijs, handel, industrie en een betere huisvesting de armoede kon verdrijven en de stad Amsterdam tot welvaart brengen. Hij heeft daar zijn hele leven aan besteed. Hij stichtte in 1845 de eerste handels- en nijverheidsschool van Amsterdam. In 1848 richtte hij de Maatschappij van Landbouw op, een soort vuilophaaldienst. Tot die tijd gooiden de mensen hun vuil en afval op straat of in de grachten. 
In 1856 stichtte Sarphati de Maatschappij voor Meel&Broodfabrieken, de eerste broodfabriek van Nederland, die goed en goedkoop brood leverde. Hij wilde kennis verspreiden en de handel en ondernemingsgeest stimuleren en richtte met dat doel de Vereeniging voor Volksvlijt op. Het Paleis voor Volksvlijt werd gebouwd op het Frederiksplein* voor tentoonstellingen van landbouw- en industrieproducten.
Sarphati wilde van Amsterdam een waardige hoofdstad van Nederland maken en had grootse plannen voor de uitbreiding van de stad in de omgeving van het Paleis voor Volksvlijt en buiten de Singel. Om zijn plannen te verwezenlijken richtte hij de Nederlandsche Bouwmaatschappij NV op met een tweedelig doel: ingelegde gelden van de aandeelhouders beleggen in rentegevende eigendommen en een eind maken aan het onvermogen van de Amsterdamse bouwnijverheid en werken aan oplossingen van stedelijke problemen.
Ondanks zijn inzicht, kennis, organisatietalent en doorzettingsvermogen slaagde Sarphati er niet in al zijn grootse denkbeelden te verwezenlijken. Hij werd tegengewerkt, heimelijk of openlijk en ondervond onbegrip en afgunst, soms ingegeven door zijn joodse afkomst. Zijn bouwmaatschappij leed verliezen en dat leverde hem veel vijanden op. Maar vele vrienden bleven hem steunen, zoals de bankier en zijn opvolger in vele functies, A.C. Wertheim. Sarphati stierf op 23 juni 1866. Hij ligt begraven op de oude Portugees-joodse begraafplaats in Ouderkerk.

fontein sarphatie 03

Prijsvraag voor Sarphati-monument 

Bij de viering van het tienjarig bestaan van het Paleis voor Volksvlijt, op 16 augustus 1874, stelde A.C. Wertheim in zijn feestrede voor “een zichtbaar bewijs van hulde” voor Sarphati op te richten. Er werd een ‘commissie voor het huldeblijk aan Sarphati’ gevormd, Wertheim was voorzitter. De commissie stelde een programma van eisen op en schreef een prijsvraag uit. Er waren 22 inzendingen. J.R. de Kruyff kreeg in 1876 de opdracht voor het definitieve ontwerp. Architect De Kruyff was in die tijd directeur van de Rijksschool voor Kunstnijverheid in Amsterdam. Alle modellen voor ornamenten, schilden en bekroning liet De Kruyff, onder zijn leiding, uitvoeren door een leerling van de Rijksschool voor Kunstnijverheid, L. Zijl. 
De beeldhouwster mevrouw S.H.J. Stracké-van Bosse maakte het borstbeeld voor de tempel. Zij werkte aan de hand van oude foto’s en portretten van dr. Sarphati. Het beeld werd in brons gegoten door de Compagnie des Bronzes te Brussel.
Bij de opening van het park en de onthulling van het Sarphati-monument hield A.C. Wertheim een lange toespraak. Over de fontein zei hij: ” ’t Zou een fontein worden, die frisheid en opgewektheid zou verspreiden, wier heldere straal het zonlicht zou weerkaatsen en de dorstigen laven. De schittering van het hemellicht in duizend kleuren overgebracht; aan de behoeften der werkelijkheid, de weldaden van gezondheid en reinheid te gemoet komen; zoo zou het worden, zoo werd het”.

fontein sarphatie 04

Fontein achter het pomphuisje

Stadsingenieur J.G. van Niftrik kreeg van de gemeente opdracht het park te ontwerpen, met een bijzondere plek voor het Sarphati-monument. Het werd een park met slingerende wandelpaden, vijvers en bruggen en veel bomen. Het monument zette hij op een met zand opgehoogde heuvel. Van Niftrik ontwierp een buizensysteem met pompgemaal dat de aan- en afvoer regelde van het water in het laaggelegen park. Hij bouwde een bakstenen huisje voor het stoomgemaal. Het gebouwtje staat er nog, bij één van de vijvers. Het stoomgemaal is vervangen door een computergestuurde pomp. In de vijver achter het pomphuisje gooit een fontein sierlijke stralen water omhoog in de vorm van een bloemkelk.  
In 1994 is het Sarphatipark grondig opgeknapt. Het monument met fonteinen werd gerestaureerd. Het zandsteen brokkelde af, de kikkers en leeuwenkoppen waren verdwenen. Beeldhouwer Wim Vermeer maakte nieuwe kikkers, zoveel mogelijk naar de oude modellen. Het grote bassin werd hersteld en voorzien van verlichting. De pomp, in de waterkelder onder het monument, werd onder handen genomen. Rond de grasheuvel en het monument is een brede heg geplant van duinroosjes.

Literatuur en bronnen

Archief Stedelijk Museum Amsterdam, nummer VBA 1750.
Gemeente Archief Amsterdam: Martin Pruijs, Een monument voor dr. Samuel Sarphati. Gemeentelijk Bureau Monumentenzorg. 1994
Henne van der Kooy en Justus de Leeuwe, Sarphati, Een biografie. Atlas. 2001.
Gemeente Archief Amsterdam: A.C. Wertheim. Bij de onthulling van het gedenkteken gewijd aan dr. Samuel Sarphati, Toespraak gehouden op Donderdag 15 Juli 1886 door de Voorzitter der Commissie.
Bouwkundig Weekblad 29 augustus 1914. no. 35. Jubileum J.R. de Kruyff 1844-1914.

* Zie ook Sneeuwitje en de zeven dwergen (Frederiksplein) voor meer informatie over het Paleis voor Volksvlijt